[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/bbcode.php on line 488: preg_replace(): The /e modifier is no longer supported, use preg_replace_callback instead
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/functions.php on line 4762: Cannot modify header information - headers already sent by (output started at [ROOT]/includes/functions.php:3897)
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/functions.php on line 4764: Cannot modify header information - headers already sent by (output started at [ROOT]/includes/functions.php:3897)
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/functions.php on line 4765: Cannot modify header information - headers already sent by (output started at [ROOT]/includes/functions.php:3897)
[phpBB Debug] PHP Warning: in file [ROOT]/includes/functions.php on line 4766: Cannot modify header information - headers already sent by (output started at [ROOT]/includes/functions.php:3897)
Amaroth • View topic - Dieven van Konigsberg
homehomehome
leftWikiForumChatroomhomeBibliotheekAcademieAtlasright
bottom
It is currently Sat 24 Oct 2020, 17:54

All times are UTC + 1 hour




Post new topic Reply to topic  [ 256 posts ]  Go to page Previous  1 ... 12, 13, 14, 15, 16, 17, 18  Next
Author Message
PostPosted: Sun 01 Jul 2012, 21:55 
Offline
Guard
Guard
User avatar

Joined: Thu 07 Oct 2010, 06:24
Posts: 337
Location: Houten
“rariteiten, dat klinkt zowel mysterieus als simpelweg dwaas. Faillesement en op straat gekomen, neem ik aan?” de man voor hem was mager, zijn bril leek het enige van waarde. Het bedrijfsleven was hard en vermoeiend. Als je even niet oplette was het zo voorbij en dan stond je op straat, zonder ook maar een vriend die je nog onderdak bood, een enkeling misschien. Zodra je er slecht uitzag werd je verstoten uit de fatsoenlijke gemeenschap en vertrouwde niemand je meer. Dit was een van de redenen waarom Sigmund zich netjes kleedde en gedroeg, niemand van waarde had een hekel aan je.
Maar deze man, Rutger, had het minder goed voor mekaar. Maar goed dat hij nu een bed had, ondergebracht door de vredelievende Sertes. Slimme man. De eeuwenoude tactiek, iemand helpen zodat hij jou iets verschuldigd is. Sertes had zijn plan goed op orde, zo leek het elke keer maar weer. Maar hoelang zou het duren voordat de koning armer zou zijn? Zou Sertes het aandurven de stier bij de horens te pakken. Zou de grootste geluksvogel aller tijden een gok wagen, in de hoop te winnen? Kansberekeningen waren nuttig, soms. In het echte leven was daar echter geen tijd voor, je moest iets doen of iets niet doen. Geen tussenweg. Geen denk tijd. Tot nu toe waren de gokjes van Sertes goed, of iets wat daarop leek. De hoofdstad van Avaren was echt een verzamelplaats van rare mensen. Sigmund had een hele interessante tijd voor de boeg, dat was hem wel duidelijk.

_________________
Vraag jezelf niet af waarom het vroeger beter was dan nu. Het getuigt van weinig wijsheid als je daarnaar vraagt. (Prediker 7:10)


Top
 Profile  
Reply with quote  
PostPosted: Mon 02 Jul 2012, 01:19 
Offline
Creation-team
Creation-team
User avatar

Joined: Mon 09 Aug 2010, 13:52
Posts: 1050
Location: Zeewolde
'Oh, het is ook wel even lastig geweest en ik heb de bendes op mijn nek gehad. Een tijdje was het leuk, maar continu paranoïde moeten zijn over luistervinken wordt op een gegeven moment vermoeiend. Maar naarmate de tijd verstreek kreeg iedere bendeleider in de Schaduw wel in de gaten dat Sertes Alumin permanent buiten spel zetten veel lastiger bleek dan de moeite waard was.
Hoe ik het doe?
Geluk. Geluk, en een geslepen brein. Vraag me niet hoe ik aan de mazzel kom, want ik weet het ook niet, maar denk het je eens in. Op het moment dat je overwinning zeker lijkt glipt je doelwit net op tijd weg. Iedere keer dat je hem insluit blijkt er een extra uitweg te zijn waar je niet van wist. Telkens blijkt hij net een stapje verder vooruit te denken.
Hoewel ik toegeef dat er vaak wat mazzel in het spel is rekenen ze de rest graag weg. Ik wist altijd wel dat het verborgen valluik er was, maar voor mijn achtervolgers was het makkelijker om te zeggen dat het er toevallig bleek te zijn. Bespaart gezichtsverlies als je niet toegeeft dat je tegenstander je te slim af was, snap je. Dus mijn "legendarische geluk" wordt doorgaans wat overdreven.
Hoewel, er was natuurlijk die ene keer dat ik zonder kleren om mijn lijf door de persoonlijke vertrekken van de Santak rende en niet gepakt werd...' Sertes zakte even weg in de mijmeringen van een oude herinnering, een zelfvoldane grijns op zijn gezicht. 'Dat waren nog eens goede tijden. Maar een scherp verstand, dat is waarom ik hier nog steeds ben.' Toen verdween de lach van zijn mond en uit zijn ogen. 'Maar je laatste vraag is aan jou zelf om te beantwoorden. Waarom ben je hier nog steeds? Wat is het dat je zoekt? En, wat het belangrijkste voor mij is, hoe is dat relevant voor mij? Spring uit dat raam, Wroclaw, en denk van mij wat je wilt denken. Als je ooit een antwoord vindt op de laatste vraag ben je welkom het me te komen vertellen. Zo niet... dan wens ik je veel succes in Konigsberg. Pas op voor de grond, ik heb me laten vertellen dat die hard is.'
Hij knikte naar Marcello en draaide zijn rug naar de twee toe. 'Wees zo vriendelijk onze zuidelijke gast de snelste weg naar buiten te wijzen, Alfons.'

_________________


Valar Morghulis.


Top
 Profile  
Reply with quote  
PostPosted: Mon 02 Jul 2012, 06:07 
Offline
Worker
Worker
User avatar

Joined: Mon 10 May 2010, 13:03
Posts: 68
'Ja, ik ben het, Nani,' riep Jadira. 'Ik kom zo bij u!'
Met tranen in haar ogen en nog natrillend liep ze naar haar eigen kamer. In de kleine spiegel keek ze zichzelf even aan. Haar ogen stonden angstig en haar mond trok een streep over haar gezicht. Hoe had ze zichzelf zo in een wespennest kunnen steken. Eerst denken en dan pas doen. Dat had haar vader zo vaak gezegd en wat doet Jadira? Ze rent als een kip zonder kop richting de Edel en tja wat er net buiten de poort gebeurt was, was haar eigen schuld geweest.
Voorzichtig haalde ze de doek bij haar keel weg en voelde met haar vingertoppen langs de kras. Ze probeerde het te kunnen zien, maar op het moment dat ze haar hoofd omhoog deed, kon ze met haar ogen niet meer in de spiegel kijken. Dit had ook geen zin. Boos liep ze naar haar bed en gooide haar kussen tegen de spiegel aan en brulde heel hard 'Aaahhh!'. De spiegel viel in scherven op de grond.
'Jadira,' werd er verbaasd geroepen. 'Gaat het?'
De jonge vrouw kwam door de reactie van haar oma weer met haar beide benen op de grond te staan. Ze deed haar kamerdeur open en liep naar de oude gehandicapte vrouw toe. 'Gaat het, Jadira',' vroeg ze. Er klonk ongerustheid in haar stem. 'Ja hoor, Nani. Het gaat wel. Ik zal zo iets te eten voor u maken. Dan kunt u daarna rusten.'
Nani knikte; maar de ongerustheid in haar ogen was er nog steeds. Jadira zag het niet en liep naar de keuken. Daar keek ze in de grote ketel. Er zat nog een bodempje soep in. Genoeg voor één persoon. Mooi ,ze had toch niet zo'n honger.
Het vuur in de haard was gedoofd en Jadira veegde het oude as op een hoopje en deponeerde dat in een koperen pot. Daarna legde ze er nieuwe blokken hout in en zeulde de zware koperen ketel naar de haard. Met veel moeite kreeg ze hem aan de haak boven het vuur. Nog nahijgend liet ze zich op haar knieën vallen en maakte een vuurtje met wat aanmaakhout. Deze legde ze tussen de houtblokken en al gauw ontstond er een hevig brandend vuur.
Af en toe keek ze in de ketel en roerde er met een grote lepel in tot het ging borrelen. Uit de keuken haalde ze een diep bord en schepte deze helemaal tot aan de rand toe vol met de dikke brij. Voorzichtig liep ze ermee naar Nani die al hongerig zat te kijken. Haar ongerustte blik was op slag verdwenen.
Jadira ging schuin op haar oma's bed zitten en hielp Nani haar hete soep te eten. Ondertussen dwaalden haar gedachten steeds af naar Sertes en wat er was gebeurt bij de poort.


Top
 Profile  
Reply with quote  
PostPosted: Mon 02 Jul 2012, 16:51 
Offline
Soldier
Soldier
User avatar

Joined: Fri 20 Nov 2009, 08:05
Posts: 835
Location: Somewhere between Jupiter and Venus
“Hierbij presenteer ik u de nieuwe Koning van Avaren.” Klonk het door de stad Koningsberg. Overal in de stad hingen grote pastelblauwe vlaggen met een zwaard erop. Het was groot feest in de gehele stad en er waren veel gasten vanuit het gehele land. Het plein voor het slot was gevuld met mensen, allemaal van Adel. Vlakbij de troon stonden de hoofden van de graafschappen. Samen met hun belangrijkste adviseurs. Overal in de stad waren de pleinen gevuld met feestvierende mensen, zelfs in de schaduw.
Er gingen de komende maanden veel veranderen in Avaren. Er zou een groots leger worden opgesteld, bestaande uit mannen en vrouwen om gebieden te veroveren van het Keizerrijk. En structurele veranderingen in het bestuur van Avaren. Er ging meer aandacht worden geschonken aan de armen. En een ieder met bezwaar zou dit mogen uiten. Een aantal van de mensen die nu op het koningsplein feest vierde zouden straks minder blij zijn, maar voor nu wisten ze dat nog niet. Zelfs de Santak zou straks minder hard lachen. Daar zou zijne koninklijke hoogheid wel voor zorgen. Maar voor nu feesten.
En eindelijk was er weer stabiliteit in Avaren. Na jaren van onrust was de strijd om de troon beëindigd. Vele mannen vielen en families van adel werden compleet uitgeroeid. Vanuit heel Avaren kwamen er mensen om te helpen. Zelfs machtige bendes vanuit de schaduw probeerde in de tijd van onrust de kroon over te nemen. Daarbij zag het Keizerrijk ook zijn kans schoon en begon een oorlog in het oosten. Wat de doodsteek betekende voor Toran Fedel. Hij vond het niet nodig om daar te gaan verdedigen. Hij wilde alle troepen naar Koningsberg hebben zodat hij de troon zou behouden. De adel uit de regio’s was het hier niet mee eens. En in plaats van een leger voor de koning te sturen, slootten ze zich aan bij de tegenpartij. De tegenpartij kreeg hierdoor meer macht en kon hierdoor zowel tegen Fedel vechten als tegen het keizerrijk. Vooral vanuit de omliggende graafschappen kwam de edel om te vechten, in het speciaal vanuit Ersenai.
“Juich voor de almachtige Koning van Avaren, onder wiens naam de tirannie van Fedel werd beëindigd. Juich voor de Koning die won van het Keizerrijk. Juich voor Koning Joanna Eckkenburg uit Ersenai. Juich voor de onstuitbare Vorstin.”
Overal over de pleinen klonk gejoel en gejuich. Een hels kabaal was het. Joanna voelde tranen van blijdschap op komen. Ze liep samen met Henry naar buiten toe. Gevolgd door de nieuwe kapitein van de wacht en de nieuwe raad van verlichting. Jonathan was de nieuwe kapitein van de wacht. Ze herinnerde zich het eerste gevecht, Jonathan en het Witte Hert naast zich. Diverse ridders uit Ersenai, het Witte Hert en groot deel van de andere wachten en zo marcheerde ze naar het plein. Een ieder ging ze uit de weg en vele vroegen zich af wat ze gingen doen. De eerste aanval was de allerbelangrijkste. Wonnen ze deze dan was het een kwestie van tijd voordat Joanna de troon zou bestijgen. De adel uit Ersenai stond geheel achter haar en had al militairen naar de stad gestuurd en waren aan het lobbyen gegaan bij andere families.
Helaas verliep de eerste slag anders dan gedacht en liep het niet zo vlug als verwacht. De koning overleefde de aanval en vormde nog lang een blok aan het been. Uiteindelijk in het slot gevecht wist Joanna te doen, wat velen van haar krijgers nog niet gelukt was. Het doden van Koning Toran.
De koning zelf was bedreven met het zwaard, maar om te zeggen dat hij nu een uitblinkend geval was. Nee dat zeker niet. Het Machtige Witte Hert daarentegen was niet eens in staat hem te doden en werd vergiftigd door het zwaard van Toran. En hoewel de koning toch wel geraakt werd, leed hij zichtbaar weinig schade. En de klokte tikte maar verder en de koning werd sterker. De beste alchemisten in zijn bezit kregen de opdracht om beschermobjecten te maken. Niemand die de koning meer kwaad kon doen. Althans dat dacht hij, totdat hij Joanna trof in een gevecht. Hij was er zo van overtuigd dat hij onverslaanbaar was, dat zijn vechttechnieken minder waren geworden.
De eerste slag , in het gevecht, van de koning ging niet zoals verwacht, Joanna’s zwaard bleef heel in plaats van te breken. De koning vertraagde hierdoor een seconde door verbazing, Joanna zag haar kans schoon en doorboorde zonder enig probleem de Koning. Deze zakte ineen en schreeuwde van pijn. Wederom had het machtige zwaard van de familie Eckkenburg zich bewezen in de strijd.

“Hulde aan de Koning” galmde het door de stad samen met het geluid van vuurwerk en kanonnen kwam Joanna het slot uit. Klaar om het volk toe te spreken.
KA-BONK galmde het door Joanna’s hoofd en ze lag op de grond, naast haar bed.

_________________


Going faster than the speed of light isn't possible. That would mean you could go to a place in time. And at that time you wouldn´t be born, but still would be at that place.


Top
 Profile  
Reply with quote  
PostPosted: Mon 02 Jul 2012, 20:15 
Offline
Creation-team
Creation-team
User avatar

Joined: Wed 04 Nov 2009, 19:44
Posts: 418
Location: Zuidwolde, The Netherlands
'Rariteiten, dat klinkt zowel mysterieus als simpelweg dwaas. Faillesement en op straat gekomen, neem ik aan?'
'Er was best handel voor hoor. Het klinkt raar, maar iedereen wil wel wat bijzonders in huis hebben staan niet? En de adel kwam soms ook langs. Heel soms, maar ze kwamen.' Rutger viel even stil. Vroeger ging alles goed. De zaken gingen goed. Er kwamen vrij veel mensen langs. Hij had bijna een hulp in de winkel aangenomen. Maar toen kwam die klok. Rotklok.
'Maar ik ging inderdaad Failliet. Maar waarschijnlijk anders dan je denkt.' Rotklok.


Top
 Profile  
Reply with quote  
PostPosted: Thu 05 Jul 2012, 21:37 
Offline
Mercenary
Mercenary
User avatar

Joined: Wed 05 May 2010, 16:10
Posts: 477
Location: Roosendaal
'Oh, het is ook wel even lastig geweest en ik heb de bendes op mijn nek gehad. Een tijdje was het leuk, maar continu paranoïde moeten zijn over luistervinken wordt op een gegeven moment vermoeiend. Maar naarmate de tijd verstreek kreeg iedere bendeleider in de Schaduw wel in de gaten dat Sertes Alumin permanent buiten spel zetten veel lastiger bleek dan de moeite waard was.
Hoe ik het doe?
Geluk. Geluk, en een geslepen brein. Vraag me niet hoe ik aan de mazzel kom, want ik weet het ook niet, maar denk het je eens in. Op het moment dat je overwinning zeker lijkt glipt je doelwit net op tijd weg. Iedere keer dat je hem insluit blijkt er een extra uitweg te zijn waar je niet van wist. Telkens blijkt hij net een stapje verder vooruit te denken.
Hoewel ik toegeef dat er vaak wat mazzel in het spel is rekenen ze de rest graag weg. Ik wist altijd wel dat het verborgen valluik er was, maar voor mijn achtervolgers was het makkelijker om te zeggen dat het er toevallig bleek te zijn. Bespaart gezichtsverlies als je niet toegeeft dat je tegenstander je te slim af was, snap je. Dus mijn "legendarische geluk" wordt doorgaans wat overdreven.
Hoewel, er was natuurlijk die ene keer dat ik zonder kleren om mijn lijf door de persoonlijke vertrekken van de Santak rende en niet gepakt werd...' Sertes Sertes grijnsde terwijl hij terugdacht. 'Dat waren nog eens goede tijden. Maar een scherp verstand, dat is waarom ik hier nog steeds ben.' Toen verdween de lach van zijn mond en uit zijn ogen. 'Maar je laatste vraag is aan jou zelf om te beantwoorden. Waarom ben je hier nog steeds? Wat is het dat je zoekt? En, wat het belangrijkste voor mij is, hoe is dat relevant voor mij? Spring uit dat raam, Wroclaw, en denk van mij wat je wilt denken. Als je ooit een antwoord vindt op de laatste vraag ben je welkom het me te komen vertellen. Zo niet... dan wens ik je veel succes in Konigsberg. Pas op voor de grond, ik heb me laten vertellen dat die hard is.'
Hij knikte naar Marcello en draaide zijn rug naar de twee toe. 'Wees zo vriendelijk onze zuidelijke gast de snelste weg naar buiten te wijzen, Alfons.'

"Alfons?" Vroeg Marcello cynisch met een opgetrokken wenkbrauw. Voordat Sertes kon reageren draaide hij zich naar Vrockvlaf toe. "Vrockvlaf, raam. Raam, dit is Vrockvlaf. Ga nu maar kennis maken, maar niet te lang!" Terwijl hij Vrockvlaf naar het raam begeleidde. Vrockvlaf ging op het kozijn staan en klom het dak op. Daar hoefde Marcello zich geen zorgen meer over te maken. Hij liep naar Sertes toe. "Onze gesprekken duren nooit lang of er is weer een of andere knakker die weer wat van je wil, blijkbaar. Aangezien je zelf niet weet waar je geluk vandaan komt heeft het geen zin om daar naar te vragen. Alhoewel, je kan altijd aan het liegen zijn. Je moet wel een vermoeden hebben. Dus, op het moment heb ik geen vragen meer. Heb jij misschien een vraag aan mij, die ik wel of niet zal beantwoorden, of verlang je nog iets van mij?" Sprak Marcello.

_________________
She's cocaine,heroin,alcohol and vicodin
She's my addiction, my addiction
She's cocaine,heroin,alcohol and vicodin
She's my addiction, my addiction


Top
 Profile  
Reply with quote  
PostPosted: Sun 08 Jul 2012, 12:47 
Offline
Guard
Guard
User avatar

Joined: Thu 07 Oct 2010, 06:24
Posts: 337
Location: Houten
"lastig, zou je mij willen vertellen hoe je failliet bent gegaan?"

_________________
Vraag jezelf niet af waarom het vroeger beter was dan nu. Het getuigt van weinig wijsheid als je daarnaar vraagt. (Prediker 7:10)


Top
 Profile  
Reply with quote  
PostPosted: Sun 08 Jul 2012, 22:09 
Offline
Creation-team
Creation-team
User avatar

Joined: Wed 04 Nov 2009, 19:44
Posts: 418
Location: Zuidwolde, The Netherlands
Rutger wist niet zeker of hij het daar wel verder over wou hebben. Aan de ene kant zou het fijn zijn om het er met iemand over te hebben, maar aan de andere kant kende hij Sigmund nog maar net. Hij draaide zijn mok met water nog een keer rond.
'Eerlijk gezegd,' Rutger keek naar Sigmund. 'Heb ik het daar liever niet over.' Het was even stil.
'Maar vertel me eens meer over jou. Want ik weet alleen nog maar dat je de koning wil beroven.'

_________________
Light travels faster than sound,
This is why some people appear bright,
Until you hear them speak

De ananas is wel duur!


Top
 Profile  
Reply with quote  
PostPosted: Sun 08 Jul 2012, 22:35 
Offline
Guard
Guard
User avatar

Joined: Thu 07 Oct 2010, 06:24
Posts: 337
Location: Houten
'Eerlijk gezegd,' Rutger keek naar Sigmund. 'Heb ik het daar liever niet over.' Het was even stil. 'Maar vertel me eens meer over jou. Want ik weet alleen nog maar dat je de koning wil beroven.'
Een pijnlijk onderwerp dus, ach dat was ook wel te verwachten. 'Ik ben Sigmund. ik heb een nette opvoeding gehad, rijke ouders. maar het luie rijk zijn is niks voor mij, al is het op zijn tijd wel makkelijk.' Sigmunds gedachten gingen terug naar zijn kinderjaren waar hij zorgeloos over het grote grasveld achter het huis rende, eindeloze fantasie hield hem vermaakt. Een lach bekleedde altijd zijn gezicht en als hij viel, stond hij weer op en ging met de lach onaangetast weer verder. Zijn vader zat op de veranda en glimlachte als hij Sigmund zag genieten. De mooie tijd van zorgeloos kind zijn. Tot Sigmund besefte dat dit zijn hele leven zou worden, rijk door erfenis. 'ik wilde het leven ontdekken. Ik wilde weten wat het leven buiten de rijkdom inhield. En sindsdien zwerf ik rond Avaren, beter opgeleid dan waarschijnlijk iedereen hier in de Schaduw.'

_________________
Vraag jezelf niet af waarom het vroeger beter was dan nu. Het getuigt van weinig wijsheid als je daarnaar vraagt. (Prediker 7:10)


Top
 Profile  
Reply with quote  
PostPosted: Wed 11 Jul 2012, 18:45 
Offline
Creation-team
Creation-team
User avatar

Joined: Wed 04 Nov 2009, 19:44
Posts: 418
Location: Zuidwolde, The Netherlands
Het leven ontdekken in de schaduw? Ach iedereen zijn hobby. 'Ja, als je geld hebt kan dat wel. Maar hoe verplaats je je dan van stad naar stad? Loop je dat hele stuk?' Rutger was nog niet vaak buiten de stad geweest, maar hij wist dat er buiten de stad een hele wereld openlag. Alleen Avaren moest al groot zijn, als het van de zee in het westen tot aan de bergen in het oosten liep. En dat was nog geeneens het enige land op de wereld.

_________________
Light travels faster than sound,
This is why some people appear bright,
Until you hear them speak

De ananas is wel duur!


Top
 Profile  
Reply with quote  
PostPosted: Fri 13 Jul 2012, 20:18 
Offline
Worker
Worker
User avatar

Joined: Mon 10 May 2010, 13:03
Posts: 68
'Gaat het wel, meidje,' hoorde Jadira haar oma zeggen.
Ze schrok op en keek de oude vrouw aan. 'Ja...het gaat,' antwoordde ze. Maar Nani had het waarschijnlijk al niet meer gehoord. Ze was achterover gezakt en haar ogen waren dicht. Voorzichtig legde Jadira de deken over de vrouw heen en stond op.
In gedachten liep ze met het bordje naar de keuken.
'Mauw,' klonk het ineens een beetje gemoffeld.
Oei, Rover! Ze was de zwarte kat helemaal vergeten. Snel opende ze de tas en haalde de kater eruit. Ze ging op een stoel aan de keukentafel zitten en legde het beestje op schoot, waarna ze hem zachtjes achter zijn oortjes kroelde. Een luid gespin was het antwoord en de nageltjes grepen om en om in haar rok.
'Wat moet ik nu, Rover? Moet ik de beker terughalen; of moet ik ervan uitgaan dat die Joran bluft en gewoon thuis blijven. Was papa, mama of Sertes hier maar.'
Ze zuchtte.
Rover beukte met zijn kopje tegen haar hand; alsof hij zeggen wilde: ik heb honger! Ga iets te eten voor mij halen.
Jadira begreep de kleine zwarte kater, lachte en stond op, met Rover in haar armen. Er zat nog een klein restje soep in het bordje. Net genoeg voor de kater.
In een hoekje zette ze het bordje neer en liet de kater los. Deze viel uitgehongerd aan.
Jadira keek even naar het tafereel; alvorens ze het zakje munten op de tafel zag liggen. Jonas! Ze moest hem ook nog terug betalen. Ze zou het nu kunnen doen. Misschien was Sertes daar wel en kon ze het aan hem vragen. Tegelijkertijd zou ze kijken of de liefdesbeker er nog was. Gewoon kijken kon toch geen kwaad?
Jadira sloeg haar mantel om; greep het zakje met munten en liep het huisje uit.
Diep in haar mantel gedoken zette ze er flink de pas in.


Top
 Profile  
Reply with quote  
PostPosted: Sat 14 Jul 2012, 02:50 
Offline
Creation-team
Creation-team
User avatar

Joined: Mon 09 Aug 2010, 13:52
Posts: 1050
Location: Zeewolde
Sertes haalde zijn schouders op. 'Dat effect schijn ik op mensen te hebben. Mijn onweerstaanbare charmes, zonder twijfel.' Hij wachtte even totdat hij zeker was dat Wroclaw buiten gehoorsafstand was. 'Nu, in het afgelopen gesprek met de heer Wroclaw heb ik op drie momenten gelogen.' Hij grijnsde leep. 'En ook deze uitspraak was misschien een leugen. Leugens zijn wonderbaarlijke dingen. Een simpele draai aan de werkelijkheid en je kan een man totaal op het verkeerde been zetten... of hem hoofdpijn bezorgen. De enige goede manier waarop je leugens kan doorzien,' Sertes' ogen kregen hun glans weer terug, 'is door de juiste vragen te stellen. En de juiste vragen werden niet gesteld... Hoewel dat misschien ook gelogen is. Bezorg ik je al hoofdpijn?'
Nu hij zijn eigen humeur opgefleurd had met het kleine denkspelletje keerde de welgemeende lach terug op Sertes' gezicht. 'Wel dan. Als je werkelijk meent dat je geen juiste vragen hebt om te stellen dan heb ik wel wat klusjes voor je. Simpele klusjes, maar zelfs ik kan geen perfecte roof plegen zonder eerst wat onderbouwend werk verricht te hebben. De aard van beide taken is verkennend, zei het in de twee extremen van het spectrum.
Je eerste opdracht is zo veel mogelijk te weten te komen over een meisje genaamd Jadira van Toornick. Ze is een potentieel rekruut voor het gilde, maar ik wens meer over haar te weten. Ieder beetje informatie is nuttig. Ochtendritueel, jeugdliefdes, favoriete avondmaaltijd, contactpersonen, hobby's, gewoontes, talenten, interesses, familie-achtergrond. Zie het als een test van je vaardigheden als informatiemakelaar. Hoe je je onderzoek doet, is aan jou. Je mag navraag doen, bespieden, achtervolgen en hebt permissie om haar te benaderen en te laten weten dat je een partner van mij bent.' Een korte stilte. 'In feite, ik zou het waarderen als je haar vroeg of laat zou benaderen. Bevriend haar, als dat je stijl is. Zie zo veel mogelijk info uit haar te persen als mogelijk... zonder dat ze doorheeft dat je er naar zit te hengelen. Voor deze missie zijn twee voorwaarden: er mag Jadira niets overkomen, wat betekent dat je voor haar veiligheid garant staat, en ze mag niet weten dat je naar info over haar hengelt. Vanavond rapporteer je je bevindingen bij mij.'
Vervolgens gaf Sertes Marcello een snelle beschrijving van Jadira, plus haar huis en de snelste route daarheen. Eenmaal klaar ging hij weer op de rugleuning van zijn stoel zitten, tevreden met het uitdelen van de eerste missie van het gilde.
‘Nu, je tweede taak voor nu komt hopelijk minder over als babysitten en testjes doorstaan. Hier begint het echte werk, zogezegd. Ik heb het eerste doelwit voor een kraak gezet: de villa van Roderick Alendis van Leros. Zoals je weet is Leros een graafschap dat dicht in de buurt van Konigsberg ligt, dus als we gepakt worden kun je er op rekenen dat we bungelen. Maar als we deze kraak voor elkaar krijgen leveren we een boodschap aan heel Konigsberg: niemand is veilig voor het dievengilde. Daarnaast kunnen we rekenen op een flinke buit. Wat ik van jou verwacht is dat je vannacht, nadat je bij me gerapporteerd hebt over je bevindingen omtrent Jadira, er op uit gaat om villa Alendis te verkennen. We hebben standaardinfo voor kraken nodig. Hoe zwaar is de beveiliging, wat zijn de patrouilles en wisseltijden van de wachters, potentiële ingangen en vluchtroutes. Het belangrijkste van alles is dat je ongezien blijft en geen opstootjes veroorzaakt. Dus ook geen rookbommen en uitgeschakelde wachters. Roderick mag niet vermoeden dat hij besnuffeld wordt. Betreed de villa alleen als je het nodig acht en zeker bent dat je ongezien naar binnen en buiten weet te komen zonder sporen na te laten. Ik zal vannacht niet beschikbaar zijn, dus in een noodgeval kun je bij Jonas terecht. Hij weet wel hoe hij in contact met me kan komen. Als je klaar bent heb je de rest van de nacht voor jezelf. Ik verwacht morgenochtend een rapport en ideeën voor een mogelijk plan. Als je verder geen vragen hebt kun je gaan, Marcello.’

---

Jonas veegde het zweet van zijn voorhoofd. Zijn ambachtelijke taken van vandaag zaten er weer op. De details op het bestelde bastaardzwaard zagen er piekfijn uit en de lading hoefijzers voor een van de stallen van de stadswacht was ook gereed voor gebruik. Jonas was sneller klaar geweest dan hij zelf had verwacht. Meestal was hij plas klaar met zijn werk tegen etenstijd, maar nu stond de zon nog hoog. Hij ging erbij zitten en keek tevreden naar zijn geleverde werk dat lag af te koelen op een werkbank. Hoe zeldzaam was het toch eigenlijk dat hij een middag voor zichzelf had. Jonas had net besloten dat hij de smidse voor de rest van de dag aan zijn leerlingen over zou laten en het eens rustig aan zou doen, toen zijn blik naar die vreemde beker getrokken werd. Oh ja. Dat ding. In zijn nijverheid was de smid vergeten wat Sertes hem had verteld, maar nu kwam het ongewenst weer boven borrelen. Dit ding was het moordwapen van die arme Faledis. Ontevreden grommend pakte hij de beker op. Hij had het maar wat graag stuk geslagen op zijn aambeeld, maar hij wist niet of dat met alchemistische dingen wel zo veilig was. Eigenlijk wist hij vrij zeker dat het helemaal niet veilig was. Hij zou het onding over moeten laten aan een echte expert. En gelukkig kende hij er wel een.
Met een zucht omvatte Jonas de beker met lompen die gebruikt waren om beroete handen aan af te vegen. Dus toch geen rustig middagje. Dit oude spook had het recht om eindelijk eeuwige rust te krijgen.

Met het pakketje lompen onder zijn arm vertrok Jonas uit zijn smidse. Als Sertes hem nodig had zou die rakker wel weten hoe hij de smid kon vinden, en de leerlingen konden het de rest van de middag wel zonder sturing af. Het werd tijd om een oude vriend uit de schaduw te ontmoeten. Jonas had hem maar een paar keer ontmoet, maar het waren... onvergetelijke momenten geweest. De man zou nog steeds in hetzelfde huis wonen, dat wist Jonas zeker. Hij was de locatie nooit vergeten, dus na een relatief korte dwaaltocht door de meer gegoede buurt van de schaduw (wat heet, de minder direct dodelijke buurt) vond hij de bouwval die hij zocht. Het gebouw was maar 1 verdieping hoog en de verf bladerde er aan alle kanten van af. Ramen waren gebarsten en compleet beroet, spinnenwebben hingen om deze keet heen als een lijkwade. Hier had in jaren niemand iets schoongemaakt. En waarom ook niet? Het kon de bewoner niets schelen en buurtbewoners waarschijnlijk nog minder. Als ze überhaupt al wisten dat er menselijk leven was in deze ruïne. Jonas zoog de –relatief- schone buitenlucht nog een keer op en opende toen de oude deur…
En liep tegen een muur van mufheid aan. De tranen sprongen Jonas in de ogen, maar hij wist dat het zou wennen als hij even doorzette. Aan zijn omgeving besteedde hij maar weinig aandacht. Als het met één woord omschreven moest worden zou dat ene woord grijs zijn. Als het met twee woorden omschreven moest worden zou daar ook het woord stoffig bij komen. Jonas werkte zich snel naar zijn doel toe: een luik naar de kelder. Het luik zat niet op slot en enkele momenten later klom de smid in complete duisternis naar beneden, hetgeen vrij lastig was met de beker onder zijn arm.
Beneden vond Jonas op de tast een ijzeren muur, en hij klopte. Waarschijnlijk zou het even duren voordat de bewoner de deur van het slot had gehaald om hem binnen te laten, maar tot zijn verrassing hoorde de smid direct een schrille stem van de andere kant komen. ‘Jonas. Deur is open. Binnenkomen mag.’
En dus opende Jonas de deur. En wat hij toen zag zou nooit compleet wennen.

De kelder bestond uit een enkele grote ruimte. Overal stonden tafels met allerlei soorten metaal en glaswerk of kasten vol met potjes en kruiken. Ergens stond een glazen bol met groene inhoud op een laag vuurtje te pruttelen. Maar die chaos viel in het niets bij wat er aan het plafond hing: een ingewikkelde constructie van touwen en kartrollen die het hele plafond bedekten als een deken van hout en hennep. En in het midden van dat kluwen touw hing een klein mannetje met een schrille stem. De man keek op, een bril met lenzen zo dik als Jonas’ pink zwaar op zijn neus. Hij gaf een ruk aan een paar touwen, en die beweging zette een kettingreactie van bewegende touwen en rammelende kartrollen aan het werk. Als gevolg werd het mannetje van de ene kant van de kamer naar de andere kant gesleept, totdat hij vlak voor Jonas hing. Hoe hij het voor elkaar kreeg zich zo precies voort te bewegen op deze manier zou de smid nooit bevatten. ‘Hallo, Em. Hoe wist je dat ik het was?’
‘Voetstappen. Tempo waarmee luik open en dichtgaan. Momentum van kraken van treden. Hoorde ook enige moeite. Hebt iets bij je. Mijn hulp nodig?’
Jonas fronste. ‘Je kraamt onzin uit, je kon niet weten dat ik het was op die manier.’
De man die zich Em noemde grijnsde schuldbewust. ‘Was kijkspiegel. Ene helft hier, andere helft in hal. Zag je aankomen.’
‘Dacht ik het niet. Em, waarom doe je het jezelf nog steeds aan om op deze manier door de kamer heen te komen? Je kan gewoon lopen.’
‘Neeneenee. Kan niet lopen.’
‘Zijn het je benen?’
Em fronste alsof Jonas de meest stompzinnige repliek ooit had gegeven. ‘Natuurlijk niet. Verliest logische conclusie uit oog. Oplossing simpel.’
‘Vertel het me toch maar. Ik heb geen zin om te gissen.’
‘Kan niet lopen want grond is lava.’
De man zei het met een gezicht dat zo serieus stond dat Jonas zich niet aan de indruk kon onttrekken dat de man het meende. ‘… De vloer… is lava?’
‘Niet letterlijk natuurlijk. Kinderlijke bewoording. Lava heet. Vloer heet. Vloer lava. Kind vertelde me eens dat vloer lava is. Kinderen liegen niet. Vloer dus heet.’
‘Maar… Waarom hebben schoenen er dan geen last van?’
‘Simpel. Alchemie op schoenen. Maar schoen bestaan uit leer. Leer niet bruikbaar voor alchemie. Moet metaal zijn. Schoenmakers meesteralchemisten. Willen geheim niet met me delen. Mysterie. Moet nog steeds oplossen. Experimenten tot zover onsuccesvol.’
‘Ooit eens bedacht dat de vloer gewoon koud is en dat er geen alchemie nodig is, Em?’
‘Nonsens. Vloer is lava. Kind sprak het dus feit. Ook bewijs. Kinderen huilen als ze vallen. Hitte doet pijn, veroorzaakt huilreactie. Leer moet bestand zijn tegen hitte. Kan niet anders dan alchemie zijn. Logische conclusie, enige uitkomst.’
‘Waarom draag je dan niet gewoon deze alchemistische schoenen, zoals iedereen?’
‘Bespottelijke optie. Draag geen alchemie van anderen. Principekwestie. Moet eigen zijn. Kan pas lopen als zelf geheim van schoenenmakers ontdekt heb.’
‘Nou… succes daarmee. Denk ik. Maar ik heb een probleem waarmee jij me kan helpen, hoop ik.’
Jonas haalde de beker tevoorschijn uit de bol vodden. Em griste het ding direct uit de handen van de smid. Hij woog het, bekeek het uit alle hoeken, tikte tegen de rand, snuffelde aan de binnenkant en keek toen abrupt weer Jonas aan. ‘Alchemie. Degelijk werk, maar niet elegant. Duur. Onttrekt levenskracht. Correct?’ De smid knikte en Em ratelde door. ‘Veel mogelijkheden. Ruimte om bezwering aan te passen. Kan sneller maken of trager, hangt af van beoogd doel. Ook ruimte voor nieuwe bezwering. Wil je dat ik doe?’
‘Ik wil dat je de bezwering verbreekt.’
Stilte.
‘Verbreken? Zonde. Goed werk verloren. Zeker weten? Kan voor veel verkopen, wed ik.’
‘Dit ding heeft een oude vriend het leven gekost. Het mag niet meer ellende veroorzaken. Ik wil het vernietigen.’
‘Vernietigen onnodig. Kan bezwering afbreken, nieuwe in de plaats zetten.’
‘Dat is goed genoeg, me dunkt. Wat vraag je hiervoor in ruil?’
‘Beker zelf. Goed pallet om mee te werken, kan experimenten op doen. Ook leuk om naar te kijken. Verder niets nodig.’
Jonas krabde zijn baard. ‘Goed genoeg. Ik durf te wedden dat niemand die ik ken de behoeft heeft om dat ding nog eens te zien. Doe er mee wat je wilt.’
‘Jonas. Bedankt. Zal goed gebruik maken. Kan nu gaan, deur is open. Succes in smidse en vraag schoenmakers naar geheim van leeralchemie als kans zich voordoet.’
‘Ik beloof het, Em. Tot ziens!’

Eenmaal buiten snoof Jonas de putlucht van de schaduw op alsof het de meest frisse lucht die hij ooit geproefd had was. Die Em was een vreemde vogel, en verdomd als ‘ie zijn geur niet had achtergelaten in Jonas’ kleren. Het zou nog dagen duren voordat die niet meer muf zouden ruiken. Het was voor een groter goed, hield hij zichzelf maar voor terwijl hij aan de terugreis begon.

_________________


Valar Morghulis.


Top
 Profile  
Reply with quote  
PostPosted: Sat 14 Jul 2012, 14:15 
Offline
Guard
Guard
User avatar

Joined: Thu 05 Nov 2009, 07:45
Posts: 272
Location: my own fantasy
“Als vleermuizen vliegen,vliegen ze ongezien.” Aha, daar kwamen ze. “Goedenavond dames en heren. Hoe laat kunnen we de oppervleermuis verwachten?”
“Kom op, heb ik je ooit teleur gesteld?”
“Nee, Marcus, dat heb je niet. Geen probleem met de wachters?”
“Nee, die domme gansjes liepen weer achter me aan alsof ik hun moedergans was. Die leren het ook nooit. Want de wachters op de muur detecteren ons niet zo snel en twee van de vier op de grond renden achter mij aan. En de andere twee, tsja, die zijn makkelijk te overmeesteren in een overmachtsituatie. En mijn mensen zijn nou eenmaal goed in besluipen. Die zullen wakker worden als wij allang weer zijn vertrokken. Dus maak je geen zorgen.”
“Je weet me altijd weer te verrassen Maar ik heb een verandering van plan voor jou. Ik heb namelijk het vermoeden dat de dame waarmee ik een deal wilde sluiten de moordenaar is die we zoeken. En ik wil het aan jouw mensen overlaten uit te zoeken of dat zo is. Kun je dat regelen?”
“Zou ik de leider zijn van een sluipgroep als ik dat niet zou kunnen regelen? Geen zorgen, het zal gebeuren.”
“Ok, nog een ding. Kun je me uit de edel krijgen?”
“Geen probleem, kan jij je mannen uit de kroeg halen. Normaal tarief natuurlijk.”
“Dan gaan we.”
Derrald volgde de man die al zoveel jaar ongrijpbaar bleef voor de wacht. De man voor wiens vangst een hoge beloning was uitgereikt. De beloning die zelfs de meest doorgewinterde premiejager nog niet had kunnen innen. En binnenkort zou die premie verdwijnen. Tijdens de grote veranderingen die hij voor de wacht in petto had. Nog een paar dagen en hij kon beginnen aan zijn versie van hoe de wacht zou moeten zijn.
“Mooi, de wachten die zijn uitgeschakeld zijn nog niet wakker. Dus nu heel stil naar de muur. En houdt je hand bij je wapen, want ze kunnen iets vermoeden.” Derrald pakte drie naalden uit zijn binnenzak die waren bewerkt met verdovingsmiddel. Geen wachter in zicht. Langs de muur sluipend, door de poortsluipend, nog steeds geen wachter te zien. Aan de andere kant van de muur sluipend. Voetstappen, rennend richting de poort. “Sla alar……….” Verder kwam de wachter niet, hij zakte in elkaar, verdoofd door een naald die uit zijn arm stak. Nu was het een kwestie van wegwezen, want over niet al te lange tijd zou het op straat stikken van de wachters. De groep bewoog zich over de daken. En daar was het. Het enorme geloei van een van de kleinste creaties van deze wereld. De flierp. Dat kleine gele rotbeest ook. Dat beest kon het ook niet laten de halve stad wakker te maken. Waarom moest er dan ook een beest zijn dat zo hard kon schreeuwen dat zelfs bomen er weg voor konden rennen als ze niet vast zouden zitten in de grond. Ze waren bijna bij de poort naar het handelsdistrict en daar stond, niet totaal onverwacht een groep wachters. Een stuk of twintig zo te zien. Ze waren niet van plan het makkelijk te maken voor hem. “Ok, het is tijd voor formatie zeven. Hert, jij volgt die twee, zij loodsen jou door de poort. Wij gaan eens even de grootste onrust stoken in deze stad van de afgelopen drie maanden. Alsof die er nog niet is door dat stomme alarm.”
Marcus splitste zich met de ander 7 af van de groep en deed een greep in zijn zak met rookbommen. Nu even wachten tot de show ging beginnen. Marcus deed de eerste worp en die belandde recht voor de groep met wachters. Die trokken hun zwaarden en grepen hun speren en vijf van hun liepen in de richting waar de worp vandaan kwam. Toen vloog de volgende rookbom richting de groep die nog over was. ook nu splitste zich een kleine groep af, alleen dit keer maar drie. Bij de derde rookbom verlieten twee de groep en bij de volgende helemaal niemand. “Heer hert, we gaan over op plan B. Heeft u toevallig rookbommen bij u?”
“Jazeker. Het zijn er echter niet zoveel.”
“Dat geeft niet, we gaan alleen een grote rookwolk creëren. Het plan is dat u dan zich als een van hun erdoorheen manoeuvreert.” Derrald knikte. Vervolgens riep de volgeling van Marcus: “Wachters zijn saaie drollen” en gooide een rookbom. Vervolgens kwamen uit alle straten en van alle daken de rest van de mannen van Marcus en gooiden rookbommen zodat er in de wolk chaos ontstond. Derrald liep de wolk in, met getrokken zwaard en zijn hemd voor zijn mond. “Sta daar niet zo lapzwansen, loop de rookwolk uit en je vindt ze.” Derrald had dit nog nauwelijks geroepen of alle wachters stormden allemaal een andere kant op en Derrald vond op de tast de poort. De rook begon op te lossen in de lucht dus gooide hij een rookbom op de grond om zijn locatie niet te verraden. Hij kwam zonder kleerscheuren in het handelsdistrict en wist gelijk een dak op te klimmen. Een paar wachters kwamen de rookwolk uitstormen maar zagen niet hoe Derrald zich van de poort verwijderde. Nu snel naar de kroeg. Na een paar patrouilles te hebben ontweken kwam hij bij de juiste kroeg. Hij stapte naar binnen, vond daar een chaos van jewelste en een hoop uitgetelde kerels. “Beste man, sorry voor de problemen die mijn mannen uit hebben gegeven. Ik was ze kwijtgeraakt en ze zijn nogal wild. Hier hebt u een vergoeding voor hun daden en voor wat water als dat even zou willen halen. Dat heb ik nodig op dit stelletje lapzwansen weer wakker te krijgen.” Derrald legde een zakje met wat geld op de bar. De waard, de man die was aangesproken door Derrald, pakte van achter de bar een kan met water en Derrald pakte de kan aan. Hij maakte zijn mannen wakker en begon zijn preek tegen hen. “Ik zei dat jullie stand-by moesten blijven vanavond. En dan vindt ik jullie in deze staat terug. Dat vindt ik onacceptabel. Dus nu komen jullie mee en gaan jullie naar bed. Morgen zien jullie een zware straf tegemoet." De mannen, die begrepen dat de eerste die ongehoorzaam was, waarschijnlijk lichaamsdelen zou gaan missen, besloten hem maar als makke lammetjes te volgen. Ze liepen tot de poort naar de schaduw. Daar stonden meer wachters dan gebruikelijk maar nog steeds niet zoveel. Het waren er zes zo te zien. “Goedenavond heren. Ik moet er door, want deze mannen hebben zich deze misdragen door misbruik te maken van mijn onoplettendheid om de kroeg in te glippen. Ze zien heel wat nare klusjes tegemoet als we weer bij de basis zijn. Als dit zootje ongeregeld in hun bed ligt, kom ik terug om mee te helpen te zoeken naar wie we dan ook naar op zoek zijn." Gelukkig, de wachters lieten hen passeren. Zijn mannen waren toch nog ergens goed voor. de wachters lieten hem passeren omdat er natuurlijk ook basissen van de wacht in de schaduw waren, wat niet iedereen scheen te weten. Eenmaal bij de thuisbasis van Derrald aangekomen, stuurde hij zijn mannen naar bed om hun roes uit te slapen. Die kregen nog wel wat straftraining voor de kiezen. En nu zelf ook naar bed. Hij gaf aan de thuisblijvers aan dat zijn die nacht de wacht moesten overnemen en ging naar zijn kamer, deed de deur op slot en ging in bed liggen. en nu maar hopen dat Marcus en zijn mensen het hadden gered. Marcus waarschijnlijk wel, maar hij hoorde morgen op straat wel of er arrestaties waren gevallen.


Top
 Profile  
Reply with quote  
PostPosted: Sun 15 Jul 2012, 20:34 
Offline
Soldier
Soldier
User avatar

Joined: Fri 20 Nov 2009, 08:05
Posts: 835
Location: Somewhere between Jupiter and Venus
4 maanden later

Nadat Jacob, Sofia, Geralda en Johan uit de koets waren gestapt en deze was weggereden vervolgde ze hun weg naar de herberg die Harm had genoemd. Het duurde een half uurtje om bij de herberg te geraken. Ze hadden van te voren besloten dat Jacob een half uurtje later alleen zou binnen komen. En het gezinnetje libavius zou dus eerst gaan om een kamer te bemachtigen. Een kamer hier krijgen was geen probleem, voor beide niet. Libavius kreeg een grote kamer met een badkamertje erin, een goed bed en een matras voor Sofia. Jacob kreeg een klein kamertje en een oud vies bed, maar nog altijd beter dan hij gewend was in Koningsberg. ’s Avonds ging Jacob vroeg naar bed toe, hij zou Libavius niet meer spreken tot ze de volgende ochtend vertrokken waren. Jacob zou eerst gaan waarna de andere zich bij hem zouden voegen in het bos net buiten het dorpje.
De volgende ochtend was Jacob al vroeg uit de veren en ging eerst wat eten beneden. Hij regelde een lunchpakketje en vertrok. Het was goed weer buiten, de zon kwam net boven de horizon uit en er was geen wolkje te zien. Wel was het nog frisjes buiten. Jacob liep rustig door het dorpje met zijn tas bij zich. Hij liep rustig het dorpje uit en wachten in het bos. Hij verstopte zich in het struikgewas en nu maar wachten op Libavius. Hij had al wel gezien dat ze wakker waren want net toen hij vertrok kwamen ze hun kamer uitgelopen om te gaan eten. Hij hoefde dan ook niet heel lang te wachten totdat ze bij het bosje aankwamen.
Vandaaruit vervolgde ze hun reis naar Semaka. Na ongeveer een dag goed stevig doorgelopen te hebben kwamen ze in een groter dorp uit, waar een postkoets zou gaan vertrekken. Johan regelde dat ze met de koets mee mochten rijden. Drie dagen brachten ze door op de postkoets met als eindbestemming de hoofdstad van Semaka. Ze sliepen hier een nachtje en de volgende ochtend vertrokken ze naar Ulubelu. Na anderhalve dag gelopen te hebben waren ze eindelijk bij het huis aangekomen.
Huize Libavius was een gigantisch huis. Ter vergelijking met de huizen in Koningsberg dan. Er waren grote schuren aanwezig en het huis zelf was ook niet klein, maar in vergelijking met de andere boerderijen uit de omgeving, was het toch een relatief klein huis. Ze hadden erom heen flink wat land liggen waar vooral vee aanwezig is, nog gespecificeerde, het waren puur koeien. Ze hadden ook een paar paarden en ezels. Ook liepen er nog een stuk of 20 kippen rond. Ook kwam er iemand naar hun toe lopen, “Hey tante Geralda en oom Johan. Welkom thuis. Hebben jullie het gezellig gehad.” Sofia begon te praten tegen Jacob “Dat is mijn neef Henk, hij helpt ook mee op de boerderij. En van de rest weet hij niks.” Ze begonnen te praten met neef Henk, ze dronken binnen wat en vervolgens liet Johan samen met Sofia het huis zien.
Jacob kreeg zijn eigen kamer. Deze kamer was groter dan zijn huisje in de schaduw. En hij had hier een net bed, een kast voor zijn spullen en er stond zelfs een bureautje met een stoel. Het was allemaal simplistisch. Maar voor Jacob was het ongekende luxe. ’s Avond aten ze met zijn vijven. En ze praatte over van alles en nog wat.
Na het eten ging Sofia naar bed en vertrok Henk naar huis. Geralda bracht Sofia naar bed toe en Johan bleef achter bij Jacob.
“Morgenavond, morgenavond Jacob beginnen we je dingen te leren over de alchemie. Het gaat jaren duren voordat je zover bent als ik en mij vrouw. Maar we zullen je veel proberen te leren. Morgenochtend beginnen we met een rondleiding over onze boerderij en zullen we de koeien moeten melken, eieren rapen en noem maar op. ’s Middags is zijn mijn vrouw en Sofia meestal bezig met de magie en haar alchemische kennis bij te schaven. En ik zal je ’s avonds er dingen over leren.”
Jacob knikte en vervolgens ging ook hij naar bed. Jacob had eindelijk het gevoel dat hij ergens veilig was en een liefdevol thuis had gevonden. De volgende morgen kreeg hij een rondleiding en hij vond meteen werk voor zichzelf. Hij zou de schuren gaan repareren, aangezien ze nogal gammel waren. Met de dieren werken was toch niet zo’n succes voor hem geweest. Samen met Sofia kreeg hij ’s middags les van Geralda en kreeg hij dingetjes mee over de magie. Voor het avond eten deed hij vaak dingen samen met Sofia. Ze speelde op het land of in de schuren. En ’s avonds was hij ook bezig met de alchemie. Vooral Johan onderwees hem, terwijl Geralda met andere dingen bezig was.
Na drie weken kreeg Jacob een aantal boeken waar hij uit moest gaan leren. En binnenkort zou hij als proefkonijn dienen. Ze gingen bij hem bezig met onderhuidse stenen. Jacob had het zelf aangeboden om hiervoor proefkonijn te zijn. Johan en Geralda waren hier in eerste instantie op tegen. Maar uiteindelijk accepteerde ze het aanbod toch. Niet alles verliep even goed, maar uiteindelijk kwam alles op zijn pootjes terecht. Een zo ging het een paar maanden door, Jacob leerde steeds meer over de alchemie en zou binnenkort zijn eerste object gaan maken, onder begeleiding van Johan. Echter verliep het niet helemaal zo als geplant.
Er kwam namelijk een kink in de kabel. Sofia.
Sofia wist niet wat te doen met alle energie die ze voelde. Ze voelde de drang om te vernietigen, ze voelde een bepaalde macht. Ze had de oude schuur al te gronde gericht en in het dorp werd gesproken over verwoestingen aangericht in de bossen rond Ulubelu. Niemand in het dorp wist gelukkig hoe dit kwam. Sofia werd ook ongelukkig van al deze energie. En na menig aandringen van haar ouders besloot ze toch de man te gaan opzoeken in Koningsberg. Hij zou Sofia misschien wel kunnen helpen, Jacob was het hier ook wel een beetje mee eens eigenlijk. Terwijl Sofia toch een beetje bleef twijfelen of ze wel wilde gaan naar de man. Ze was toch een beetje bang voor hem eigenlijk en ook al had hij haar ouders bevrijdt. De meeste mensen van die soort verwacht altijd iets terug. Uiteindelijk ging Sofia toch wel akkoord ze zou samen met Jacob Koningsberg gaan.
Ze zouden te voet gaan naar Koningsberg, dat leek een ieder van belang veiliger. Het zou niet te overzien zijn wat er zou gebeuren als Sofia zich niet kon beheersen in het midden van een groep mensen.
Voor hun reis naar Koningsberg namen ze een heleboel spullen mee. Een aantal sets kleren, inkt en papier, boeken, meer dan genoeg eten, een zak met geld en tot slot flink wat alchemiestenen. Deze stenen waren bovenop de alchemistische objecten die Sofia en Jacob bij zich hadden. Ze hebben beide onder andere praatstenen bij zich, stenen die pijn verlichten en nog tal van andere stenen. Jacob had er redelijk wat onder zijn huid ook zitten. Bij Sofia zat er slechts eentje onder de huid aangezien zij nog aan de jonge kant was en in de groei. De stenen zouden mogelijk een negatieve werkingen hebben op haar lichaam. Beidde hadden ze ook nog een dolk bij zich met vergiftigende krachten, als een koe er mee gestoken werd was deze binnen het uur dood. Een mens zou waarschijnlijk nog eerder neer gaan, dat wisten ze alleen niet zeker.
De zak met extra alchemiestenen waren bedoeld om te gaan verkopen in Koningsberg aan de man, misschien wilde hij wel alchemiestenen kopen van hun. Er moest ten slotte toch ook geld binnenstromen.
De avond voor hun vertrek gingen beide vroeg naar bed toe. Toch kwam Geralda hem storen. Ze maakte hem wakker om met hem te kunnen praten. “Jacob,” begon ze, “Zorg goed voor mijn kindje alsjeblieft. Ik maak me toch een beetje zorgen. Pas goed op haar.” Jacob begreep Geralda’s zorgen wel. Zelfs was hij ook bezorgd en benieuwd wat er ging gebeuren. Geralda verliet zijn kamer en een half uur later kwam Johan binnen. “Jacob, in Koningsberg is er ook iets anders dat je moet doen. Er schoot me net iets te binnen. En dat is dit doosje. Alles wat je moet weten staat hierin, lees het rustig als je vertrokken bent. Regel dat eerst en zoek daarna pas de man op, het is puur voor de zekerheid en je zult er dan onderdak krijgen, een bed en eten.”
Jacob’s nacht duurde niet erg lang hierdoor. Hij lag wakker van het doosje. Hij wilde weten wat er in stond, maar hij had Johan beloofd dat hij het niet zou openen totdat ze weg waren. De volgende morgen vlak na zonsopgang zouden ze vertrekken. Sofia was klaar wakker om te gaan, Jacob was wat minder uitgerust. Ze vertrokken met z’n allen in de richting van Koningsberg. Johan en Geralda zouden eens stukje meelopen. Ook namen ze een pakezel mee voor de bagage. En eventueel voor Sofia. Zo konden ze langer doorlopen en zouden ze de stad eerder bereiken. De eerste nacht sliepen ze in het open veld. Het was goed weer en als ze vroeg zouden gaan slapen konden ze ook eerder weg. En hoefde ze minder lang te rusten. De eerst volgende plek om te kunnen slapen was nog een paar uur lopen.
Jacob zette de ezel vast aan een boom en maakte een kampvuur. Wat door Sofia aangestoken werd. Ook hadden ze twee dekens meegenomen om onder te kunnen slapen. Sofia was zo weg, bij Jacob duurde het allemaal wat langer. Hij had veel om over na te denken. In de laatste maanden was er veel gebeurd. Hij zelf was wijzer en breder geworden en had zich eindelijk ergens thuis gevoeld. Ook had hij een diepe band met Sofia opgebouwd. Ze was voor hem het zusje dat hij nooit gehad heeft. Maar hun band was nog dieper, hij begreep Sofia heel goed en kon met haar voelen en begreep hoe zij zich moest voelen en het onbegrip van haar ouders over haar magie. Ze had met hem dingen gedeeld die ze niet met haar moeder durfde te delen. Dit was ook wederzijds want Sofia begreep Jacob ook goed, het was net alsof ze elkaars gedachte konden lezen. Uiteindelijk viel Jacob langzaam in slaap terwijl de sterren hoog aan de hemel stonden, helder schijnend. En wakend over de mensen in het veld.
De volgende ochtend hadden ze zich een beetje verslapen. De zon stond al hoog aan de hemel en de bedoeling was geweest om net voor zonsopgang te gaan vertrekken. Ze werden wakker gemaakt door een gezelschap. Eigenlijk was het Sofia geweest die ervan wakker werd en daarna Jacob had wakker gemaakt. Jacob speelde de zwijgzame man, die nooit een woord zei. Sofia voerde het woord met het gezelschap. Het gezelschap was op doorreis naar Omensis een belangrijke stad in Ersenai. Ze gingen daar naar toe voor werk. Sofia en Jacob hadden als bestemming een plaatsje vlakbij Koningsberg en ze mochten meerijden met het gezelschap. In eerste instantie had Jacob hier bezwaar tegen maar Sofia wist hem uiteindelijk te overtuigen. De ezel werd achter de huifkar gebonden en Jacob en Sofia namen achterin plaats. Sofia kletste gezellig met de vrouw die bij hun zat. Het was een familie op weg naar de stad van de kennis. Ze gingen daar hun zoon opzoeken aan de universiteit van Omensis. Hij hield zich bezig met geschiedenis en ze hadden daar ook werk kunnen vinden als stratenmakers, de mannen dan. De vrouwen zouden een naaiatelier beginnen. De zoon van die vrouw had al van alles geregeld.
De stad Omensis was een interessante stad, zo bleek uit de brieven die ze voorlas aan Sofia en Jacob. Deze waren geschreven door haar zoon. Het had een van de grootste universiteiten uit de regio en het was een gebied dat op politiek gebied redelijk onstabiel was sinds de vereniging van Avaren en de verdwijning van de regerende familie. De Koning van Ersenai had nooit een goede vervanger kunnen vinden voor deze familie die verdwenen was. En in de rest van de provincie werden regelmatig de regels van de spelletjes overtreden. Zelfs met levend schaak. De stad zelf had hier ook onder te lijden. Het kasteel werd slecht onderhouden en de stad zelf ook. Er heerste veel armoede en de heersende familie zou binnenkort waarschijnlijk weer vervangen worden door de koning en raad van bestuur. Toch ging het leven er door en was er genoeg werk. Vooral de universiteit had genoeg werk voor stratenmakers want dit was een van de weinig goed onderhouden gebouwen in de stad. De mooie stad Omensis was niet meer zo mooi als in de glorie dagen van Ersenai.
Zo vertelde de vrouw nog wat meer. Jacob en Sofia luisterde aandachtig. Daarna praatte Sofia en de vrouw wat over koetjes en kalfjes en was Jacob naast haar man op de bok geklommen.
Tegen de avond stopte ze. De mannen gingen eventjes een uurtje slapen, zodat ze na het eten weer verder konden mennen. Onderwijl zouden de vrouwen zorgen voor eten, Jacob viel in dit geval ook onder de categorie vrouwen. Hij zorgde voor de ezel en de paarden, ondanks dat het hem niet zo goed af ging. Hij ging water halen en nam ze even mee zodat ze konden grazen en rusten. De vrouwen bereidde het eten samen met Sofia en pakte de karren over, zodat de spullen van Sofia en Jacob ook in de wagen konden en de ezel dus langer kon lopen. Tegen de tijd dat het eten klaar was werden de mannen wakker gemaakt. Het ging om drie jongen gezinnen en een wat ouder gezin. De jongen gezinnen hadden nog geen kinderen, maar twee van de vrouwen waren wel zwanger. Het oudere gezin was de vrouw en man wiens zoon in Omensis was. Het eten was een zware pot en smaakte erg goed. De mannen aten een flinke portie. Na het eten gingen de mannen liggen uitbuiken inclusief Jacob. De vrouwen ruimde alles op, spande de paarden weer voor de wagens en de ezel achter de wagen. De vrouwen gingen achterin zitten en gingen slapen terwijl de mannen op de bok gingen zitten en zouden rijden. Jacob ging naast Gerben zitten en hij mocht oefen met het besturen van de paarden. Zo konden ze elkaar afwisselen. Het mennen ging Jacob in eerste instantie niet echt goed af, maar na een uurtje ging het al een stuk beter. En zo ging het de komende drie dagen door. Jacob had het mennen beter onder de knie gekregen en kon redelijk zelfstandig mennen. Bij een klein plaatsje vlakbij Koningsberg namen ze afscheid van elkaar. En wenste elkaar een goede reis.
Ze waren dus op hun verzonnen bestemming aangekomen. Tijdens de reis had Sofia weinig last gehad van haar magie drang. In dit dorpje zouden ze de nacht doorbrengen in de herberg. Het leek alsof er slecht weer aankwam en dat bleek die nacht zo te zijn en het ging door tot de volgende morgen. Het had flink gestormd die nacht en zo ging het de rest van de dag door tot halverwege de morgen. Waarna er waanzinnig mooi weer was gekomen. Sofia en Jacob besloten nog een nachtje te blijven in de herberg, aangezien het nog een dikke halve dag lopen was naar Koningsberg en om daar nu ’s avonds laat aan te komen was niet echt ideaal. Met al die wachten die er liepen. Ze gingen op onderzoek uit in het dorpje. Het was een leuk dorpje gelegen in het bos. De bron van inkomsten van dit dorpje was dus het hout. Er waren meerder houtzagerijen en grote stallen met grote paarden erin. Verder was er een bakkerij en een kruidenier. En natuurlijk de herberg. ’s Middags genoten ze van het heerlijke weer en had Sofia andere kinderen gevonden om me te spelen. Jacob was haar oom op het moment en vader en moeder waren overleden. Dat leek hun het beste, als mensen vragen gingen stellen. Haar oom kon een beetje lezen maar het kostte hem veel moeite. En hij was zijn tong verloren in een gevecht met struikrovers jaren geleden. Sofia en hij vermaakte zich goed en genoten ’s avonds van het heerlijk eten in de herberg. Daarna luisterde ze naar sterke verhalen van de herbergier bij de openhaard. Ze konden zich lekker ontspannen en genieten van alles. Sofia zat naast Jacob en was in slaap gevallen tegen hem aan. Het was rond middennacht dat Jacob naar bed ging en Sofia mee tilde naar boven. Hij zelf lag zo te slapen en Sofia was niet eens wakker geworden. De volgende morgen werden ze na zonsopgang gewekt door de dochter van de herbergier en gingen ze ontbijten. Ze vervolgde daarna hun weg naar Koningsberg. Het had die nacht nog flink gestormd, maar deze was gelukkig overgetrokken inmiddels.
Wederom was het mooie dag. De zon scheen fel en het rook overal heerlijk. Het was erg rustig op de weg naar koningsberg en ze deden dan ook rustig aan. Al ver van tevoren zagen ze Koningsberg liggen, met zijn machtige muren en het grootse slot in het midden van de stad. Er liepen veel mensen de stad in en uit. Ze hadden ze in een boog onder de stad doorgelopen zodat ze bij het handelsdistrict naar binnen konden gaan. Dat zou iets meer moeite kosten om de stad in te komen, maar zo konden ze wel makkelijker zich voortbewegen in de stad. Om herkenning hoefde geen van beide zich zorgen te maken. Jacob had niet langer een baardje en was veel breder geworden door al het werk. Sofia had in die paar maanden een groeispurt gehad. De grote stad Koningsberg, nergens in Avaren woonde zoveel mensen bij elkaar als hier. De stad waar het leven dag en nacht doorgaat. De stad vol gevaar.
Jacob had inmiddels ook dat doosje doorgelezen. Er stond interessante informatie in. Hele interessante informatie. Ze gingen proberen het huis morgen op te zoeken. Eerst brachten ze een nachtje door in een herberg.
Bij de poorten aangekomen moesten ze bijna een uur wachten voordat ze eindelijk de stad in konden. Zo lang waren de rijen geweest. Er werd slechts gecontroleerd op wie je was en of je een inwoner was van de stad. Ook spraken de mensen erover dat ze opzoek waren naar Bloedschade, de schrik van de stad.
Bloedschade, iedereen had het er over. Zelfs in de stad. Nadat ze de poort gepasseerd waren , zonder enig probleem, zochten ze een herberg op vlakbij het geloof. Het was een wat duurdere herberg, ze konden ’s avonds een bad nemen. En het eten werd zelfs op de kamer gebracht. Sofia zou op de kamer blijven, bezig gaan met het lezen van het alchemie boek. Terwijl Jacob de stad in zou gaan om te kijken of hij wat uit kon vinden over die bloedschade. Die persoon boeide hem wel. Hij dook een kroeg in, hij was hier wel eens eerder geweest. Normaal kwam hij om te stelen, echter speelde hij nu de luistervink. Hij regelde een drankje voor zichzelf en nam plaats. De mensen waren druk aan het praten over de grootste gebeurtenissen van die dag. Die nacht waren er in de edel vijf jonge mannen vermoord door die bloedschade. Bloedschade was blijkbaar een of ander spook, want niemand wist wie hij was en hoe het deed. Hij teisterde de afgelopen maanden de stad en niemand was veilig voor hem. Tenminste zo ging het verhaal. Ook gingen er geruchten over ene Sertes die mensen zocht. De grote geluksvogel, die alleen maar wegkwam dankzij zijn geluk. Jacob had duidelijk de juiste kroeg uitgezocht voor de sterke verhalen. En regelmatig hoorde hij het mensen weer hebben over die Bloedschade en Sertes. Tot de dag van vandaag had Jacob nog nooit gehoord van deze twee mensen.
Jacob besloot dat hij genoeg wist en verliet de kroeg waarna hij zijn weg vervolgde naar het goudsmidsplein. Het was hier gezellig druk en er waren genoeg wegen die hier op uit kwamen. Genoeg mogelijkheden om te kunnen vluchten mocht dat nodig zijn. Op het plein liep iemand die hij herkende. Een man… Het was zijn oom, de kerel die hem samen met zijn tante uit zijn huis had getrapt. Even voelde hij een drang in zich opkomen om hem te steken met zijn dolk. Hij besloot dat het niet de beste oplossing was en volgde hem naar zijn huis. Onderweg zag hij een man staan, met een beurs om gejat te worden. De oude gewoontes was Jacob niet verleerd en zo was hij een zware beurs rijker. Niemand had het gezien. Hij volgde nog steeds dat geval van zijn oom. Deze woonde nog steeds in het zelfde huis, inmiddels wel vervallen. Maar het was nog steeds hetzelfde huis. Jacob wachtte tien minuten voor het huis en ging vervolgens naar de deur.
Hij klopte aan. Na wat gerommel werd de deur open gedaan. “een goedemiddag, kan ik je helpen.” Vroeg een vrouw hem. Dat was waarschijnlijk zijn nichtje geweest. Hij maakte duidelijk niet te kunnen praten en zei verder niks. Zijn nichtje wist niet wat te doen, ondanks ze een volwassen vrouw was. Zijn nichtje kende geen kwaad in haar ogen en blijkbaar had ze zelf ook een kindje, aangezien er een klein jongetje aan kwam lopen. Jacob deed alsof hij verwart was en liep weer weg. Zijn nichtje had hem niet herkend en verder was er weinig gebeurd. Hij kon toch moeilijk zijn eigen nichtje met haar kindje, het huis ontnemen. Hij was van plan geweest een van zijn stenen te gebruiken en het huis te vernietigen. Hij liep langzaam terug naar de herberg waar hij en Sofia die nacht zouden verblijven. Hij was nog voor de schemering terug in de herberg. Hij ging direct door naar de kamer. Daar was Sofia ijverig bezig met het lezen van het boek. Ze hoorde Jacob niet eens binnenkomen. Jacob legde de twee buidels die hij buit had gemaakt neer en liep naar Sofia toe. Nu had ze hem echter wel gehoord en draaide zich om. “hoi… en ben je nog wat meer te weten gekomen.” Jacob haalde zijn schouders op en ging zitten aan het tafeltje. Hij inspecteerde de buideltjes die hij had buitgemaakt. Eentje zat niet zo heel veel geld in. De andere daarentegen puilde uit van het geld. Die was waarschijnlijk van een koopman geweest die een hele goede dag had gehad. In ieder geval was die persoon nu flink wat geld lichter en anders was hem dat vast ook wel in de kroeg gelukt. Nu werd het in ieder geval goed gebruikt vond Jaocb. Sofia kwam bij hem zitten en ze had keek naar de zakken geld. “op rovers pad geweest?” Jacob knikte met een lachend gezicht en Sofia moest ook lachen. En zo zaten ze samen een paar minuten te lachen. Ze rolde over de grond. Tot ergernis van de mensen onder hun, die dan ook geïrriteerd kwamen vragen of ze konden stoppen. Ze besloten zich maar stil te houden en borgen de belangrijke spullen goed op. Daarna gingen ze naar beneden om te eten. Ze hadden geluk vanavond, er waren veel gasten waardoor er een lopend buffet was. Met allerlei soorten aardappels, vlees, vis en groentes. Diverse wijnen en andere dranken kon je krijgen. Jacob en Sofia besloten uitgebreid te gaan genieten hiervan. Na een tijdje kwam er een mooie jonge vrouw bij hun zitten, met wie ze in gesprek raakten. Voor zover dat mogelijk was dan. Elsia was haar naam, ze was hier op vakantie. Ze nam het geduld om met Jacob te praten. Tegen het einde van het buffet wilde Sofia graag naar bed toe. Het was voor beide een lange dag geweest maar Jacob wilde graag met Elsia blijven praten. Ze spraken dan ook af dat Jacob zo terug zou komen als Sofia op bed lag.
Sofia trok andere kleren aan, waste zichzelf een beetje en ging slapen nadat ze Jacob een knuffel had gegeven. Jacob vertrok daarna. Beneden gekomen zat Elsia op hem te wachten in de woonkamer van de Herberg, ze had zich om gekleed ondertussen. Zojuist had ze een broek en t-shirt aangehad. Nu had ze een jurk aan getrokken en iets met haar haar gedaan. Jacob liep naar haar toe en had zijn bordje meegenomen. Eerst bestelde hij twee wijntjes bij de bar en nam deze mee. Hij ging naast Elsia op de bank zitten. Elsia had lange bruinen haren. Ze had donker blauwe ogen en was nog geen dertig.. Ze was hier alleen op een vakantie. Eigenlijk wilde ze weg vanuit waar ze vandaan kwam. Zo zaten ze de hele avond bij elkaar en praatte over van alles en nog wat. Soms kwam er een vreemde bij zaten waar ze dan even mee praatte. Maar er was niemand die Jacob gek aan keek of iets. Niemand die deed of hij niemand was. Misschien kwam het wel doordat hij instaat was in deze herberg te logeren en vanwege de nette kleren die hij nu droeg. Hier kon hij ook redelijk zichzelf zijn. Hij was hier slechts een man die niet kon praten maar wel lezen, schrijven en horen. Ook voelde hij zich op zijn gemak bij Elsia, die het niet erg vond dat hij wat ouder was dan haar. Ze was erg geïnteresseerd hem en de wijn vloeide rijkelijk. Ook kwam ze steeds dichterbij hem zitten, totdat ze tegen hem aan lag. Ook zij werd steeds openlijker gelukkig, Jacob wilde graag meer van haar weten. Misschien wilde ze wel mee naar de boerderij terug als ze hier klaar waren.
Elsia was dus de dochter van rijke handelaar en reisde vooral veel rond. Ze was hier nu op zichzelf nadat ze langer met haar vader en moeder mee wilde. Het beviel haar wel, ze was opzoek naar een huisje buiten Koningsberg maar dat was een onbegonnen werk. Het was allemaal niks wat er vrij was. En ergens iets bouwen kon ze natuurlijk zelf niet. Ze wist veel van Avaren, overal was ze wel geweest met haar ouders en ze wist hoe te handelen. Ze zag de koopjes liggen en wist overal wel een dikke boterham te verdienen. Ook was het overduidelijk geen preuts meisje. Het was voor Jacob de eerste keer dat hij deze vorm van affectie beleefde. Ze lagen zo samen de hele avond op de bank. Uiteindelijk besloten ze een rondje buiten te lopen door de tuin van de herberg.
Na een half uurtje kwamen ze hand in hand terug in de herberg, hun kleren zaten minder netjes dan toen ze vertrokken en ook waren ze niet zo schoon meer. Ze liepen samen naar boven. Hij bracht Elsia eerst naar haar kamer en vervolgens ging hij naar zijn eigen kamer. Hij deed zachtjes de deur open en ging naar binnen. Hij begon zich uit te kleden en zag toen dat er een tas mistte, de tas met Sofia’s kleren. Hij pakte z’n dolk uit zijn tas en ging de kamer voorzichtig rond. Er was verder niemand te zien, ook Sofia niet. Verder lag alles er nog en er lag wat extra’s. Een briefje, geschreven door Sofia.
“Jacob, ik ga vast naar het plein toen om te kijken voor de man. Ik wil niet nog langer wachten en het ging om drie nachten. Ik heb het gevoel dat ik geluk heb.”
Vervloekte Mork, dacht Jacob. Ze moesten wachten met die man opzoeken totdat ze dat andere geregeld hadden. Sofia was nu zo eigenwijs geweest om al te gaan, misschien als hij snel was kon hij haar nog vinden voordat ze bij het plein was. Je wist maar nooit of de man er was deze avond. Hij wilde zich omdraaien om zich weer aan te kunnen kleden. Toen hij net was omgedraaid werd hij omver gesprongen waardoor hij op het bed viel en voelde de warmte van Elsia tegen zijn bovenlichaam. Ze begon Jacob meteen te zoenen. Jacob probeerde Elsia van zich af te drukken, waarna Elsia zich tegen Jacob aandrukte en in zijn oor fluisterde: “We moeten zeker stil zijn voor je nichtje.” Jacob schudde zijn hoofd en stond op met Elsia tegen hem aangeklemd. Hij pakte van het tafeltje dat naast het bed stond, waar hij zojuist was opgeduwd, het briefje en drukte dit voor Elsia neus. Ze liet hem los en ging zitten op het bed, Jacob ging naast haar zitten. “wat bedoeld ze hiermee Jacob?” vroeg ze aan hem, terwijl ze tegen hem aan kroop. Jacob stond op, aangezien zijn bordje op tafel stond en hij dit nu nodig had. Elsia kwam naar hem toegelopen en kroop onder zijn schouder door terwijl Jacob schreef: ‘Te ingewikkeld om nu uit te leggen. Sofia moeten we vinden. Gevaar.’ “Ik zal je helpen zoeken Jacob, weet je waar we moet zoeken.” Jacob knikte en gaf haar een kus op het hoofd. “Kom zo naar mijn kamer toe, dan kleed ik me even snel om.” Want wat ze aan had was niet echt warm en handig om te zoeken. En het kon nog wel is gevaarlijk zijn deze kleding zo laat in de stad.
Jacob kleedde zich snel aan. Pakte extra stenen mee en zijn dolk. Die stenen waren voor hemzelf want hij kon het niet riskeren nu al zijn dekmantel te verraden. Zelfs niet aan de vrouw die nog een keer op een avond de liefde met hem had willen bedrijven. Hij liep de kamer uit, deed de deur goed dicht en liep haastig naar de kamer van Elsia en ging direct naar binnen. Hij zag nog net hoe ze een broek aan deed en vervolgens een mes aan haar riem hing. “Ik volg je.” Zei Elsia en meteen haastte ze zich naar beneden toe.
Beneden was het erg rustig. Maar er waren nog wel mensen, ze trokken zich hier niks van aan en buiten de herberg zetten ze het op het rennen. Hij rende zo snel als mogelijk naar het plein toe met Elsia op de voet. Het was een stuk drukker nu met stadswachten en vanuit de richting van de handelspoort stegen rookwolken op. Er was daar overduidelijk wat aan de hand. Veel trokken ze zich er niet van aan en liepen beide zo hard als ze konden.


----------------------------------------------------------------------------------
Sofia had eerder die avond besloten vast naar het plein te gaan. Kijken of ze man kon vinden, ze wilde niet langer wachtten. Ook niet omdat Jacob het had gezegd dat ze nog moesten wachten. Ze schreef een briefje voor hem en legde het weg. Hij zou het vast wel begrijpen. Ze pakte haar tas mee en vertrok. Ze ging stilletjes weg door de achterdeur, niemand die het opmerkte. Daarna vervolgde ze haar weg snel naar het plein. Ze liep door diverse steegjes en kwam langs verschillende pleinen. In een van de steegjes kwam een man uit de schaduw tevoorschijn: “Kijk eens aan, wat hebben we hier. Een jong maagdje, een jong weerloos maagdje. Dat lijkt me wel is wat.” Hij dreef Sofia een hoek in, samen met nog een paar andere die zich bij de man hadden gevoegd. Sofia trok haar dolk en richtte deze op de man. “Ach kijk dat meisje nou met haar dolk. Is het niet schattig.” Waarna een van de mannen aanviel, Sofia haalde angstig uit met de dolk en sneed de man in zijn arm. Deze man ontwapende Sofia en stortte kort daarna, na wat stuiptrekkingen, ineen. De mannen vielen haar vervolgens tegelijk aan, niet eens kijkend naar hun kameraad. Sofia wist te ontkomen en moest haar dolk achterlaten. Ze rende en rende, totdat ze bij een groot plein uit kwam. Dit zou het plein wel eens kunnen zijn dacht ze, waarna ze opzoek ging naar de man.

_________________


Going faster than the speed of light isn't possible. That would mean you could go to a place in time. And at that time you wouldn´t be born, but still would be at that place.


Top
 Profile  
Reply with quote  
PostPosted: Wed 18 Jul 2012, 13:25 
Offline
Worker
Worker
User avatar

Joined: Mon 10 May 2010, 13:03
Posts: 68
Jadira was nog maar net het pleintje bij haar huisje overgestoken; toen ze met een schok bleef staan.
Had ze het nou goed gezien? Liep Jelle daar? Dat kon toch niet? Was er nu al een half jaar voorbij?
Zo snel ze kon dook ze een steegje in en volgde met haar ogen de man waarvan ze dacht dat het Jelle was. Hij was veranderd. Ouder geworden en hij had een baard en een snor laten staan.
Zijn donkergroene mantel flapperde in de wind die veroorzaakt werd door zijn grote stappen. Hij had duidelijk haast.
De man liep regelrecht op het huisje van Jadira af. Inderdaad, het was Jelle. Het oude vertrouwde staartje aan de achterkant van zijn nek, wipte op en neer op de maat van zijn passen.
Jelle, dat kon ze nou net niet gebruiken. Hij was vast naar haar op zoek. Ze had beloofd dat ze een antwoord zou hebben als hij weer terug kwam. En dat was nu; maar een antwoord had ze niet voor hem. Althans niet één die hij zou willen horen.
De man keek naar binnen door de paar ramen die het huisje telde. Even later liep hij naar de deur en klopte erop. Natuurlijk werd er niet open gedaan en na een paar minuten liep hij weer naar de ramen aan de voorkant en tuurde naar binnen.
Jadira keek vanuit haar veilige steegje naar wat hij deed. Ze wilde hem nu nog niet onder ogen komen. Nu ze wist dat hij er was, was er waarschijnlijk geen ontkomen meer aan, maar als ze het onvermijdelijke zou kunnen uitstellen, zou ze dat doen. Ze moest nu al wel na gaan denken hoe ze het nieuws aan hem zou brengen.
De man verdween achter het huisje en Jadira maakte van de gelegenheid gebruik om te verdwijnen.
Maar net toen ze zich had omgedraaid; hoorde ze de vertrouwde stem van de visser, Jelle. 'Jadira!'
Weer bleef ze stokstijf staan. Ze kon er nu niet meer onderuit.
Een diepe zucht ontsnapte haar mond.


Top
 Profile  
Reply with quote  
Display posts from previous:  Sort by  
Post new topic Reply to topic  [ 256 posts ]  Go to page Previous  1 ... 12, 13, 14, 15, 16, 17, 18  Next

All times are UTC + 1 hour


Who is online

Users browsing this forum: No registered users and 1 guest


You cannot post new topics in this forum
You cannot reply to topics in this forum
You cannot edit your posts in this forum
You cannot delete your posts in this forum
You cannot post attachments in this forum

Search for:
Jump to:  
cron
Powered by phpBB® Forum Software © phpBB Group